Actueel

Gepubliceerd op 29 december 2019

Tekst Theologisch Jaaroverzicht 2019 – Herman Koetsveld

Eerder vandaag werd het Theologisch Jaaroverzicht door dominee Herman Koetsveld voorgelezen tijdens de laatste kerkdienst van dit jaar in de Amsterdamse Westerkerk. Hieronder vindt u de tekst van dit Jaaroverzicht.

Inleiding

Wat zegt de profeet Jesaja nu eigenlijk allemaal over zijn tijd? En waar haalt hij de moed, lees: de pretentie vandaan om de bewegingen van zijn tijd te benoemen, te analyseren en van commentaar te voorzien? Het profetische antwoord is eenvoudig en ingewikkeld tegelijk. Eenvoudig, omdat hij alles wat hij ziet gebeuren verbindt met de Eeuwige. In harmonie met, of in heilloze tegenspraak met Gods bedoelingen. En ingewikkeld, omdat dat nooit een simpel oorzaak-en-gevolg-schema oplevert, maar een uiterst dynamische visie op het leven zelf. De wereld draait door, wij mensen komen en gaan, de geschiedenis wordt geschreven, goed en kwaad, vermengen zich op een onuitstaanbare wijze. En tegelijkertijd staat niets op zichzelf, maar alle dingen van het leven, alle dingen van ons leven staan in relatie met iets dat groter is, eindeloos groter is dan wij zelf zijn. Dat te vertrouwen.

De profeet analyseert, beschouwt, wikt en weegt niet ‘neutraal’. Hij gelooft niet in ‘neutraal’ en ‘objectief’, hij gelooft in God. Dat wil zeggen dat in, achter, onder alle bewegingen van de tijd, hij op een of andere manier de Aanwezige vermoedt, er op vertrouwt dat de dingen in God een richting ten goede zullen krijgen. Citaat (Naardense Vertaling): ‘Want zoals de aarde haar uitspruitsel voortbrengt en zoals een hof het in haar gezaaide doet ontspruiten, zó zal mijn Heer, de Ene, doen ontspruiten gerechtigheid en lofzang tegen alle volkeren in.’ Let op deze metafoor uit de natuur: uit de aarde groeit van alles en nog wat: er is immers zaad dat ooit op een of andere manier gezaaid is. Als het moment daar is, kiemt dat zaad en is er groei en bloei. En dan die verdieping: in God is gerechtigheid en lofzang dat als zaad ligt te wachten tot het moment van kiemen, aan het licht komen daar is. En ja, dan is er groei en bloei.

Het is fascinerend hoe de evangelist Lucas deze traditie van de profetie aanhaalt in de gestalten van twee oude mensen in de tempel, Simeon en Anna, die in het kind Jezus de bevrijder van Israël zagen. Maar o, wat blijven ook zij ver van een eind-goed-al-goed-verhaal. Jezus’ optreden en de reacties die dat oproept zal voor Maria voelen als door een zwaard gestoken, zegt Simeon. Terwijl Anna even later de lofzang inzet. Dit spanningsveld van realisme én in de liturgie al hoopvol vooruitgrijpen op wat komen gaat kenmerkt ons samenkomen in dit huis.

In deze geest, in deze profetische traditie, realistisch en hoopvol tegelijk, wil dit jaaroverzicht geschreven en uitgesproken zijn: niet als objectief overzicht van wat er zoal passeerde aan opzienbarende zaken, maar als een poging (dat blijft het altijd) om iets op het spoor te komen van dat ‘ontspruiten’ van wat uit God is of juist die bron ontkent en er mee in tegenspraak komt. Welke geest spreekt er uit de bewegingen van onze tijd?

Vanuit een paar tendensen wereldwijd kom ik dichterbij onze samenleving terecht, om vervolgens via ontwikkelingen in kerk en geloof dichtbij ons eigen persoonlijke leven uit te komen.

Mondiale bewegingen

Op het moment van schrijven van deze tekst probeer ik me iets voor te stellen bij het relaas van een Australiër die zijn bezittingen had willen beschermen tegen het aanstormende vuur. Het was hem niet gelukt en hij zou zeker in de vlammen zijn gestorven als hij het vege lijf niet had weten te redden door in een soort zelfgebouwd brandvrij hokje te kruipen toen het vuur over hem heen raasde.

Australië brandt als nooit tevoren. De branden in de Amazone waren heviger dan ooit. Berichten over hevige overstromingen dan hier, dan daar. Het weer wordt extremer, droger, natter, heter. Het ene na het andere temperatuurrecord werd verbroken, ook in ons land. De prognoses over het tempo van de opwarming van de aarde werden opnieuw in nog verontrustender termen bijgesteld.

In november 2015 kwamen vrijwel alle landen van de wereld in Parijs tot de gezamenlijke conclusie dat de CO2- uitstoot drastisch omlaag moest. Ik hoorde daar de resonantie en de vervulling in van het godswoord op de eerste bladzij van de Bijbel dat het aan ons mensen is om de aarde en alles wat daarop leeft te beheren. In godsnaam dus. Nu, vier jaar later, mislukte de klimaattop in Madrid omdat tal van landen het nationale eigenbelang van economisch gewin sterker lieten wegen dan dat van de toekomst van onze wereld. De lobby van de traditionele kolen-, olie- en gasindustrie draaide op volle toeren en overstemde het geluid van met name de protesterende jongeren. Hun boegbeeld, het 16-jarig Zweedse meisje Greta Thunberg, wordt bespot en verbaal neergesabeld. Maar haar aanklacht stáát: hoe durven we nu nog niks te doen?

Nog nooit in de wereldgeschiedenis waren er zoveel mensen op de vlucht. Bijna 71 miljoen mensen. Armoede, honger, gebrek aan enig perspectief, maar natuurlijk vooral het geweld zijn de oorzaken. Deskundigen waarschuwen dat de verdere verwoestijning van grote gebieden in Afrika en Azië een vluchtelingenstroom op gang zal brengen die niet meer te overzien is.

In 1996 publiceerde de cultuurfilosoof Samuël Huntington zijn visie op het mondiale samenleven onder de titel: Clash of Civilizations, Botsende beschavingen. Het is de paradox van onze tijd dat het volstrekt duidelijk is dat de grote problemen zoals die van het klimaat en de migratiestromen alleen in nauwe samenwerking in internationaal verband en vanuit een visie van één mensheid, één wereld, één verantwoordelijkheid kunnen worden opgelost. Het klimaatakkoord van Parijs 2015 was daar dé uitdrukking van.

Tegelijkertijd is de tendens onmiskenbaar dat het nationalisme, of soms ook regionalisme zoals in Catalonië sterk in opkomst is. Natuurlijk is de Britse politiek met zijn Brexit er het schoolvoorbeeld van. Maar overal in de wereld is deze hang naar een variant op ‘eigen volk eerst’ waar te nemen. Hoe gaat dat spanningsveld tussen een mondiaal ‘met elkaar’ en ‘eerst ons belang’ zich oplossen?

Zeker als er dat verbond ontstaat tussen religie en natie lijkt Huntington steeds meer gelijk te krijgen. In India werd door de hindoeïstisch-nationalistische regering een wet aangenomen die het staatsburgerschap van de islamitische minderheid in gevaar brengt. De protesten zijn fel en de spanningen in de regio lopen op. De Nobelprijswinnaar en Myanmarese regeringsleider Aung San Suu Kyi kwam onlangs naar Den Haag om haar land te verdedigen tegen de aanklacht van genocide tegen de islamitische Rohingya minderheid. Vast staat dat in naam van haar overheid tal van dorpen zijn platgebrand en de bevolking ervan is gedood of verdreven.

De Islamitische Staat met al zijn onmenselijke verschrikkingen is verslagen, maar de spanningen tussen soennitische en sjiitische groepen en regimes zijn een doorgaande voedingsbron van ellende en haat. De eeuwenoude christelijke en andere minderheden in het Midden-Oosten verdwijnen grotendeels in enkele jaren onder de druk van haat en vervolging. Overal in Afrika lopen de spanningen tussen christenen en moslims op, aangejaagd door terreuracties van extremistische milities. En in Europa worden de nationalistisch-populistische geluiden sterker en nemen de racistische en anti-semitische en anti-islamitische incidenten toe.

De wereldwijde signalen van toenemende intolerantie ten opzichte van minderheden zijn onrustbarend. De mondialisering, het concrete besef dat alles met alles samenhangt en iedereen dus ook met iedereen in een zekere verbondenheid leeft, roept tegelijkertijd een scherpe tegenreactie op vanuit de vraag naar de eigen identiteit. En dus kan zomaar de ander, die uit een ander cultureel of religieus vaatje tapt geëtiketteerd worden als een bedreiging.

Tegelijkertijd is er wereldwijd een steeds sterker verzet waar te nemen tegen de vanzelfsprekendheden van de machtsverhoudingen waarin de economische macht het altijd lijkt te winnen. De gele hesjes in Frankrijk staan voor een wereldwijde  beweging van ‘gewone mensen’ die het niet meer accepteren dat de verdeling van het kapitaal zo loopt dat een kleine bovenlaag extreem rijk is geworden (en dat proces versneld zich) terwijl er telkens weer bezuinigd wordt op de basisvoorzieningen en het inkomen van mensen met lage en middeninkomens.

Een bijzonder aspect van dat verzet tegen de bestaande machtsverhoudingen is de steeds sterker wordende roep om gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen. De #metoo-beweging heeft eerder de vinger op de fundamentele ongelijkheid tussen mannen en vrouwen gelegd. Dat Finland nu voornamelijk geleid wordt door jonge vrouwen is wereldnieuws. Waarbij het omgekeerd nu ook steeds meer wordt gezien: een land, organisatie of bedrijf enkel geleid door mannen: zo moet het niet langer zijn. De uitbuiting, misbruik en ongelijke behandeling van vrouwen: in alle delen van de wereld en culturen zijn de protesten ertegen gaande. Soms in hele kleine stapjes, soms fel en ingrijpend, maar ze zijn van grote emanciperende betekenis.

De verschuiving in de mondiale machtsverhoudingen en het denken in termen van macht en invloed in plaats van samenwerking en verbondenheid heeft een nieuwe wapenwedloop op gang gebracht waarbij de modernste technologie wordt toegepast. Slimme wapens, slimme bommen… ons land werd op wel heel pijnlijke wijze ermee geconfronteerd dat elke oorlog de verschrikking van de dood van vele onschuldigen met zich mee brengt. Het bombardement door een Nederlandse F16 op een bommenfabriek van IS kostte minstens 70 burgers het leven. Vier jaar na datum horen we er pas van tot verbijstering van velen. President Trump van de VS maakte het begin van de ontwikkeling van ruimtewapens bekend onder het motto: wie de ruimte beheerst, beheerst de wereld. China en Rusland en misschien nog veel meer landen zullen niet achter blijven.

Over de ruimte gesproken: voor het eerst zijn wetenschappers er in geslaagd om wat het ‘zwarte gat’ is gaan heten in beeld te brengen. Ik begrijp uit de berichtgeving dat dat volstrekt opzienbarend is en ik heb een hele tijd naar die oranje donut zitten kijken, met inderdaad, een zwart gat in het midden. Ik probeer er iets van te begrijpen, maar dat mislukt jammerlijk, zeker als de krachten, tijden en afmetingen in de miljarden lopen die elke menselijke verbeelding te boven gaat. Maar wat mij hierin fascineert is die enorme drijfveer van de wetenschappers om tot het geheim van de oorsprong van het leven door te dringen. En nog meer: hoe meer van zulke foto’s met al die theorieën en getallen erom heen, hoe onbegrijpelijker en mysterieuzer het feit dat u en ik hier zijn en dat u uit de luchttrillingen die mijn stembanden veroorzaken er een verstaan is en u in uw eigen bewustzijn zin en betekenis aan dit alles probeert te verlenen. Ja, er is leven. Ja, er is contact. Ja, wij zijn met elkaar verbonden. Nee, wij zijn hier niet alleen, met alle duizenden vragen die we ons daarbij kunnen stellen. Waarbij één heel dicht op ons hart: Ben jij bij mij?

(Eerste muzikale inbreng: Bist du bei mir)

Ons samenleven

De symboliek van de woorden van dit jaar zetten ons al op een spoor van de thema’s die er toe doen: vliegschaamte, vleeswroeging, klimaatdrammer en nog meer met als uitverkoren winnaar ‘boomer’ dat de boosheid van de jongere generaties samenvat ten opzichte van de naoorlogse generatie die alleen maar ongebreidelde groei in welvaart heeft gekend. Het is waar, wat een enorme verschuiving in soortelijk gewicht van de problemen waar ik mij in mijn jonge jaren mee bezig hield met hetgeen mijn kinderen en hun leeftijdgenoten nu op hun bordje hebben liggen.

Dit jaar gaf een merkwaardige paradox te zien: de politiek leek bij de Algemene Beschouwingen de indruk te wekken dat er maar eens een einde moest komen aan de verharding van het debat en de verscherping van de politieke tegenstellingen. Zoeken naar consensus, samenwerking, elkaar vinden in het midden, het was niet van de lucht en velen ervoeren het als een verademing, ondanks de gebruikelijke pogingen van Wilders en Baudet om de vuurtjes van maatschappelijke tegenstellingen aan te wakkeren.

Tegelijkertijd kwam de ene na de andere breed gedragen protestactie tegen het de overheidsbeleid op gang. Mensen uit het onderwijs, de bouw, de zorg en de boeren, kwamen om verschillende redenen in verzet. Maar met als rode draad de uit de hand gelopen werkdruk in combinatie met doorgeslagen regelgeving en te lage beloning. Het tempo van onze samenleving, maar vooral de idee dat alles gecontroleerd moet worden en vaak ook kan worden heeft onze samenleving onder een te grote druk gebracht. De cijfers van burn-outs rijzen de pan uit. Nu ook al bij hele jonge mensen.

Die kwetsbare mix van talent, ontplooiing, waardering, vakman/vrouwschap, bevlogenheid en motivatie, werkomgeving en omgaan met collega’s en leidinggevenden is diepgravend verstoord geraakt door de eis van – ja, van wie eigenlijk? – om je voortdurend te moeten verantwoorden op je resultaten. Dat is een spannende vraag dat ‘van wie eigenlijk?’ Wie is die wie? De politiek? De markt? Wij met elkaar? Doen we het elkaar aan, die onmogelijke druk? En waarom doen we dat dan? Ter wille van wat en welk doel dienen we ermee? Als het antwoord uiteindelijk draait niet anders dan om euro’s, om efficiency, dan zijn we als samenleving in gevaarlijk vaarwater gekomen.

De eigen zingeving en motivatie wordt geperst in de mal van productie en te halen doelen die ooit ergens als bindend zijn voorgeschreven. Tel daarbij de alomtegenwoordigheid van de mobiele telefoon en dus de veronderstelde altijd doorgaande bereikbaarheid bij op en zie daar de geestelijke snelkookpan waaraan niet meer te ontsnappen valt. De prijs die mensen individueel en wij als samenleving als geheel moeten betalen is hoog.

Een van de manieren om hieraan te ontsnappen is een poging om – al is het voor even – de ultieme ontspanning te zoeken. We zijn het met elkaar normaal gaan vinden, het ‘los gaan’. Ook hier: let op de taal. Loskomen van wat? Ons land is de spil in de productie en distributie van drugs. In dit jaar werden we meer dan ooit geconfronteerd met de schaduwzijde ervan. De liquidaties binnen rivaliserende drugsbendes waren we al min of meer gewend. Maar de moord op onze stadgenoot advocaat Derk Wiersum in september doet ons rechtssysteem op z’n grondvesten schudden. Boven- en onderwereld raken steeds meer met elkaar verstrengeld, zeker in onze stad, zo waarschuwde de politie.

De basis van elke samenleving is het breed gedragen vertrouwen in de grondslagen ervan, in ons geval die van de democratische rechtsstaat. Tegelijkertijd wordt dat vertrouwen ondermijnd. De willekeur van de belastingdienst om duizenden ouders aan te merken als fraudeurs heeft tallozen in de grootst mogelijke ellende gestort. Veel weten we nog niet. Waaronder de hamvraag: op basis waarvan kregen mensen dit stempel opgedrukt en werd hun leven jarenlang gedomineerd door oplopende boetes en dreigementen, van overheidswege dus? Stel je voor dat de indruk die inmiddels bestaat juist is dat dat gebeurt is op basis van een niet-Nederlandse achternaam van de aanvrager van de betreffende toeslag – je moet er niet aan denken. Want dan zou er dus sprake zijn van geïnstitutionaliseerd racisme van overheidswege.

Tegelijkertijd kunnen we niet langer de ogen sluiten voor het toenemende openlijke racisme. Wat er op de voetbalvelden geroepen wordt naar zwarte spelers is niet af te doen als vervelende incidenten, maar het zijn uitingen die steeds normaler worden gevonden. ‘Ga terug naar je eigen land’ wordt tegen Nederlanders met een kleurtje geroepen of via de social media in het publieke debat gegooid, bij voorbeeld in de onzalige discussie over Zwarte Piet.

De al eerder genoemde vraag naar de eigen, in ons geval Nederlandse, identiteit blijkt de aanjager van veel onvrede. De scheuring in de gelederen van Forum voor Democratie over de spraakmakende overwinningsspeech van Thiery Baudet kon niet verhullen dat zijn ideeën over ‘onze boreale wereld’, lees: onze westerse, blanke cultuur die zozeer uitstijgt boven die van anderen, velen aanspreekt. De traditionele politieke partijen, in zijn terminologie, de kartelpolitiek; de ‘neutrale’ publieke omroep, de wetenschap en de cultuur, de internationale samenwerking in Europa, de wereldwijd ervaren noodzaak om onze ecologische voetafdruk in orde te krijgen: alles is verdacht, alles moet gewantrouwd, alles moet terug naar toen het Nederlandse geluk nog heel gewoon was. Alsof dat ooit kan, een beweging terug. Een nieuwe omroep Ongehoord Nederland wil spreekbuis worden van dat wantrouwen en dat gevoel niet gehoord te worden.

De stikstofcrisis heeft een enorme impact gekregen op ons land. Het was al decennia bekend dat onze natuur zwaar te lijden heeft onder de uitstoot van stikstof en fosfaten. Dankzij Europese regelgeving, maar ook dankzij de vasthoudendheid van enkelingen, zoals de stichting Urgenda, wordt de politiek, nee, worden we er nu samenlevingsbreed bij bepaald dat we niet meer anders kunnen dan onze wereld schoner overdragen aan de volgende generaties. Dat dat een opgave van jewelste is, dat is een open deur. De kunst zal zijn om dat in solidariteit met elkaar te doen. En ook persoonlijk te vertalen in een verantwoorde levensstijl. Redenaties zoals die van de baas van Schiphol dat er nog meer groei – lees, nog meer vervuiling – nodig is om ooit de vervuiling tegen te kunnen gaan, moeten vervangen worden door een eenduidige agenda: hoe zorgen we ervoor dat vanaf vandaag de uitstoot van broeikasgassen en andere vervuilende stoffen wordt verminderd? En ja, dat heeft ook alles met onze eigen keuzes te maken. Vliegschaamte: prima woord in dit verband.

In dit nu aflopende jaar waren er de festiviteiten in het zuiden van ons land vanwege 75 jaar bevrijding van de terreur van Hitler-Duitsland. En de komende maanden is de rest van ons land aan de beurt met 5 mei als hoogtepunt. Terwijl de generatie die het persoonlijk hebben meegemaakt nu snel uitsterft, staan we opnieuw nadrukkelijk stil bij dat unieke woord: vrijheid. En de betekenis daarvan in de vertaling naar onze samenleving die zo snel verandert.

De diversiteit in cultureel-religieuze achtergrond van de Nederlanders en mensen die Nederlanders worden neemt nog steeds toe. Het stelt de vraag naar de gedeelde waarden, de dragende grond waarop we met elkaar staan en wel het meest: naar wat (of wie?) ons met elkaar verbonden houdt. Onze burgemeester Femke Halsema gaf bij haar Preek van de Leek vanuit het Bijbelse boek Exodus een antwoord op deze vraag (ik citeer):

’Het ideaal is geen paradijs, maar een bezield verbond van volk en regelgever: de bevolking stemt in met de regels waaraan ze zich gehouden weet. De stad zorgt niet voor deze verbinding, ze is het resultaat ervan. Ze bestaat bij gratie van een gedeeld besef van rechtvaardigheid. Amsterdam leeft doordat de Amsterdammers met elkaar een hechte rechtsgemeenschap vormen’. Einde citaat. Wat Halsema van de stad zegt, geldt natuurlijk ook voor ons samenleven in heel ons land.

‘Een gedeeld besef van rechtvaardigheid’. Prachtig, dit Bijbelse woord rechtvaardigheid. Maar het is waar: het blijft in de lucht hangen, of erger, het verdampt als het geen plek krijgt in onze ziel, dat het ons in beweging brengt en ons opent voor de ander: en dus ja: een samenleving als ‘bezield verbond’.

(Tweede muzikale inbreng: Adagio uit Trompetconcert Es dur J, Haydn)

Kerk, geloof en spiritualiteit

Wat een fascinerende bewegingen zijn er in het afgelopen jaar geweest op het vlak van geloof en spiritualiteit en de institutionele kant ervan: die van de kerken om mij tot de christelijke traditie te beperken. Opnieuw werd de trend vanuit de gelederen van het Sociaal Cultureel Planbureau bevestigd: de leegloop van de grote traditionele kerken waartoe ook onze Protestantse Kerk behoort gaat niet alleen snel, maar lijkt nu zelfs in een stroomversnelling te geraken. Talloze plaatselijke gemeenten stellen zich de vraag hoe het kerk-zijn vorm te geven en de aansluiting bij met name de jongere generaties te hervinden. De vacature-teksten voor predikanten en kerkelijk werkers (ik heb er nogal wat gelezen de afgelopen jaren) reppen zonder uitzondering over aansluiting bij de leefwereld van de middengroepen en de jeugd. En je proeft achter deze teksten de hoop iemand aan te kunnen stellen die het wel weet, en wel de plannen heeft en de zo gehoopte wervingskracht bezit die de gemeenschap zelf dus blijkbaar niet of niet meer heeft.

Overigens zoeken veel mensen, de jongeren voorop, tamelijk onbekommerd naar de geloofsgemeenschap die op dat moment het beste bij hun behoeften past. Waarbij de geloofsgemeenschappen die een uitgesproken profiel hebben en duidelijkheid bieden over de levensvragen en die hun morele uitgangspunten daaraan verbinden doorgaans veel positievere cijfers kunnen overleggen.

Intussen blijken christelijke geloofsgemeenschappen en kerken die hun wortels hebben in b.v. Afrikaanse landen, Suriname of het Midden-Oosten het eveneens heel goed te doen in die zin dat zij een eigen volwaardige plek in onze samenleving hebben verworven. Een mooi uitroepteken bij deze ontwikkeling was de verkiezing van dr. Samuel Lee, theoloog aan de VU en voorganger van een Pinkstergemeente in de Bijlmer tot Theoloog des Vaderlands. Mijn goede vriend Enis Odaci had hem ruim voor zijn uitverkiezing al uitgebreid ontmoet voor ons project Spiegelreis en was diep onder de indruk van de verbindende en verschillen overbruggende houding van Lee.

Ik citeer hem hier graag op de vraag van een interviewer: ‘Gaat u zich mengen in het publieke debat? Wat zou u dan zeggen tegen politici als Geert Wilders en Thierry Baudet?’ Lee antwoordt als volgt:

“Ik wil liever niet debatteren. Op dat niveau debatteren, vergt tijd en energie. Wij zijn al zo gepolariseerd. Ik zet voort wat ik al doe. Mijn daden en woorden moeten van zich doen spreken en in ieder geval een stem zijn tegen het populisme. Ik probeer maar de Bergrede in praktijk te brengen. Ik denk niet in termen van zwart en wit, pro en contra, christen en niet-christen. Mensen die zichzelf geen christen noemen, kunnen in de praktijk meer christen zijn dan zij die zich wel zo noemen. God heeft de mens niet geschapen als christen, hindoe of moslim. Ik denk dat menselijkheid de allereerste en meest natuurlijke religie was die rechtstreeks door God geschapen is. Het zit in onze genen, in onze aard.’ Einde citaat. Wat een weldadige eenvoud en diepzinnigheid tegelijk.

Hét debat dit jaar dat inderdaad scherp polariseerde ontstond n.a.v. de publicatie van een Nederlandse vertaling plus toelichting van de Nashville-verklaring die onomwonden homoseksualiteit als zonde tegen Gods geboden bestempelde. De reacties in kerk en samenleving waren ongemeen scherp: zo kan en mag dit niet meer gezegd en geschreven worden: dit liefdeloze oordeel beschadigt mensen tot in het diepste van hun zijn. En ook ikzelf overwon mijn hoogtevrees door met een hoop gedoe een regenboogvlag uit het torentje van de Waterstaatskerk in het centrum van Hengelo te hangen.

Het maakte voor de zoveelste keer duidelijk dat de kerken, maar net zo goed andere religieuze gemeenschappen zoals de islamitische, eigenlijk overal nog steeds scherp verdeeld zijn over de vraag of er andere vormen van samenleven  dan alleen de heterorelatie in religieuze zin geoorloofd zijn. De Christelijk-Gereformeerde Kerk kraakt momenteel in zijn voegen, omdat de Zwolse gemeenten van deze kleine orthodoxe geloofsgemeenschap ruimte hebben gemaakt aan het Heilig Avondmaal voor mensen die in een homoseksuele relatie leven.

De argumenten pro en contra zijn in essentie altijd en overal dezelfde: laat je je leiden door een of andere tekst uit de Bijbel, Koran of welk heilig geschrift dan ook of vertrouw je erop dat de diversiteit van menselijke identiteiten, waaronder de seksuele identiteit, zijn bron vindt in de schatrijke creativiteit en liefde van de Schepper?

Bisschop Punt van Haarlem kreeg een reprimande vanuit Rome in zijn voortvarendheid stadgenoot pastoor Pierre Valkering van de Vredeskerk te ontslaan uit zijn ambt. Onder Paus Franciscus lijkt er een voorzichtige verschuiving te komen: de leer mag dan onveranderd blijven, maar de liefdevolle en respectvolle benadering van elk mens moet het morele kompas zijn in het omgaan met elkaar en zeker in de christelijke gemeenschap.

Dit morele kompas van de humaniteit is voor de kerken in ons land leidend in de discussie hoe om te gaan met de mensen die hier een nieuw thuis hopen te vinden na hun vlucht uit een levensbedreigende of hopeloze situatie van ooit. De bed-, bad-en brood-regeling voor mensen die anders op straat zouden belanden was eerder door de kerken bij de overheid afgedwongen. Hoe bijzonder en vol symboliek was de doorlopende kerkdienst die sinds oktober 2018 werd gehouden in de Bethelkapel in Den Haag voor de Armeense familie Tamrazyan. Uiteindelijk viel in maart dit jaar het besluit dat zij in ons land hun toekomst mogen opbouwen.

Opmerkelijk in het afgelopen jaar was de maatschappelijke aandacht van wat voorheen typisch religieuze thema’s waren zoals het vasten en het pelgrimeren. Het lijkt een breuk te zijn met de consumptieve, puur op het eigen genot en luxe gerichte levensstijl. De aandacht naar het welzijn van de innerlijke mens, naar een voldoening die beklijft en die ons in contact brengt met een dieper ‘zelf’ en ‘zijn’ geeft te denken. Een verlangen naar echtheid, authenticiteit en waarachtigheid is daaronder voelbaar.

Mogelijk is het voor velen een reactie op de heilloze polarisatie van het maatschappelijk debat. Want de vraag naar de waarheid staat zwaar onder druk. Het lijkt geen enkel moreel probleem meer te zijn om in de publieke ruimte te liegen dat het gedrukt staat als dat voor het eigen gewin zinnig gevonden wordt. Complottheorieën over van alles en nog wat doen de ronde. Overheden, gezagsdragers, ‘de politiek’, banken, de politie, publieke diensten zoals de belasting en de omroepen, wetenschappers: ze worden inmiddels massaal gewantrouwd.

Persoonlijk en tenslotte

Het was voor mij (voor ons) persoonlijk een bijzonder jaar. Na 12 intense jaren in Hengelo was er nog maar anderhalve maand geleden het afscheid van de gemeente van de Waterstaatskerk. Intense jaren, omdat wij ook daar antwoorden moesten zien te vinden op de krimp van de eigen gemeenschappen en tegelijkertijd voluit reageren als open kerk op wat de snelle veranderingen in de samenleving op ons bordje legt.

De publicatie van het boek Spiegelreis dat ik samen met mijn islamitische kompaan Enis Odaci schreef viel net in die periode van afscheid. Maar wat ben ik er gelukkig mee omdat dit project van nadere kennismaking met een viertal islamitische gemeenschappen en onze gesprekken over onze beider ervaringen en visies mij zo heeft verrijkt.

Ik ben buitengewoon dankbaar dat ik hier in de Westerkerk predikant ben geworden. Maar ik besef ook heel goed: het huiswerk wat wij met elkaar te doen hebben is stevig. Er zijn weinig vanzelfsprekendheden meer, ook al hebben we de kracht van de protestantse traditie als fundament onder ons gemeente-zijn liggen. Maar elke geloofsgemeenschap, van welke signatuur of traditie dan ook, zo ook dus onze Westerkerkgemeente in het hart van Amsterdam, zal in woord en daad te antwoorden hebben op de onmiskenbare kentering van de tijden.

De vraag van Pilatus aan Jezus: ‘wat is waarheid?’ en daarmee de vraag naar de gezamenlijk gedragen morele fundering van onze keuzes en dus onze identiteit  smeken de komende tijd om heldere antwoorden. Samuel Lee heeft gelijk, dat antwoord is zoveel sterker, want waarachtiger als het spreekt uit ons hele doen en laten dan als een of ander gepeperd statement in een debat of een opiniestuk. Als wij gemeente zijn ‘in Jezus’ naam’ – en dat zijn wij – dan wordt ons antwoord bepaald, gericht, ingevuld, gescherpt door de liefde die van God is.

Liefde voor de mens die op ons pad komt, die zomaar onze naaste wordt, wie zij of hij ook is, van welke achtergrond, afkomst of identiteit dan ook. Liefde voor de schepping, vertaald in een ecologisch verantwoorde levensstijl als gezamenlijk gedragen zorg voor de aarde en al het leven. Liefde voor de waarheid die van ons eist onze stem te verheffen tegen allen die erop uit zijn een wig te drijven tussen mensen, bevolkingsgroepen, religies. Liefde voor rechtvaardigheid, zeker, dat we ons er nooit bij neer zullen leggen dat de ene mens de andere kleineert, schaadt, een toekomst ontzegt, uitbuit.

Laten wij ons in het nieuwe jaar daarop toeleggen, niet een klein beetje, maar zoals de Schrift het zegt: met heel ons hart, met heel onze ziel en met al onze kracht dat te zijn, dat te worden: mensen van God en dus mensen van de liefde, in Jezus’ naam. Om vanwege die beweging, dit vertrouwen, deze hoop voluit dit te kunnen wensen: 2020, een gezegend nieuwjaar!

Herman Koetsveld is werkzaam als predikant voor de Amsterdamse Westerkerk




Back to Top ↑